Belangrijke informatie
In dit artikel wordt er vanuit gegaan dat je de rechten hebt om meldingstypen te configureren. Heb je niet de juiste rechten? Neem contact op met de Systeembeheerder.


Je kunt zowel in het Dashboard als in de App een melding maken. Een melding kan aangemaakt worden voor klanten, objecten en units. Om met meldingen te werken, dienen er eerst meldingstypes geconfigureerd te worden. 


Om meldingstypes te configureren volg je de onderstaande stappen:

1. Klik in de menubalk op Meldingen

2. Klik rechtsboven op Configuratie

3. Klik rechtsboven op de Groene knop (Plus)



4. Vul de informatie in

        - Kies een Icoon voor het nieuwe meldingstype

        - Voer de Titel en een Systeemnaam in

        - Selecteer de Rollen waarvoor dit meldingstype beschikbaar moet zijn

        - Klik op Toevoegen 



5. Zoek vervolgens het zojuist aangemaakte meldingstype op en klik op Bewerken

    Er komen drie tabjes tevoorschijn, omdat een meldingstype op drie niveaus kan worden gekoppeld: 

    a. Klanten

        - Selecteer alle klanten of zoek een specifieke klant

    b. Objecten

        - Selecteer alle objecten of zoek een specifiek object

    c.  Unit categorieën

        - Selecteer alle unit categorieën of zoek een specifieke unit categorie

6. Klik op Opslaan



Let op
- Wil je op meerdere niveaus de melding kunnen maken? Kies dan eerst de gewenste klanten, objecten en units op de verschillende tabjes voordat je op opslaan klikt.
- Per Klant is het mogelijk om verschillende Objecten te selecteren; bijvoorbeeld alle Objecten van Klant A. Dit doe je in het tabje Objecten.
- Per Object is het mogelijk om verschillende Units te selecteren; bijvoorbeeld alle Unit categorieën van Object A. Dit doe je in het tabje Units.